Bevrijding
Alle pijlers

Pijler 02

Bevrijding

Vrijheid van gebondenheid, zonder sensatie en zonder angst

Hoe ziet Bijbelse bevrijding er in de praktijk uit?

Jezus kwam niet alleen om zonden te vergeven. Hij kwam ook om mensen vrij te maken. Wanneer we de evangeliën lezen, kunnen we moeilijk om dat onderdeel van Zijn bediening heen. Jezus predikte het Koninkrijk van God, genas zieken én dreef demonen uit. Het was geen zeldzame uitzondering in Zijn bediening en ook geen spektakel voor een paar bijzondere gelegenheden. Hij confronteerde de machten van de duisternis omdat zij mensen gebonden hielden. Jezus Zelf zei:

Maar als Ik door de Geest van God de demonen uitdrijf, dan is het Koninkrijk van God bij u gekomen.
Mattheüs 12:28, HSV

Bevrijding hoort dus bij het zichtbaar worden van Gods Koninkrijk. Waar Jezus heerst, moet datgene wat mensen gevangenhoudt wijken.

Onze strijd is niet alleen zichtbaar

Wij leven in een zichtbare wereld, maar de Bijbel leert dat achter die zichtbare werkelijkheid ook een geestelijke wereld bestaat. Paulus schrijft:

Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten.
Efeze 6:12, HSV

Dat betekent niet dat ieder probleem demonisch is. Niet iedere verkeerde gedachte is een demon. Niet iedere zonde is het gevolg van een boze geest. Niet iedere ziekte heeft een demonische oorzaak. De Bijbel spreekt ook over het vlees: onze oude, zondige natuur met haar begeerten en neigingen. Dat vlees moeten we niet proberen uit te drijven. Het moet aan het kruis gebracht worden. Demonen daarentegen zijn geestelijke persoonlijkheden die van buitenaf invloed zoeken en mensen kunnen binden of beheersen op bepaalde terreinen. Dat onderscheid is belangrijk. Wie alles aan demonen toeschrijft, schuift zijn eigen verantwoordelijkheid gemakkelijk opzij. Maar wie ontkent dat demonische machten werkelijk bestaan en mensen kunnen binden, negeert een aanzienlijk deel van de bediening van Jezus. Beide uitersten zijn on-Bijbels.

Bezeten of gebonden?

Ook het woord bezeten kan voor veel verwarring zorgen. Het wekt de indruk dat een demon volledig eigenaar van iemand is. Voor iemand die Jezus Christus toebehoort, is dat niet de juiste voorstelling. Een christen behoort Christus toe. Hij is gekocht en betaald en de Heilige Geest woont in hem. Paulus zegt:

Of weet u niet dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest, Die in u is en Die u van God hebt ontvangen, en dat u niet van uzelf bent?
1 Korinthe 6:19, HSV

Toch betekent dat niet automatisch dat ieder terrein van ons leven volledig vrij is van demonische invloed. Een mens kan Christus werkelijk toebehoren en tegelijkertijd ontdekken dat er een gebied in zijn leven is waar hij telkens opnieuw wordt overheerst, gedreven of gekweld door iets waar hij zelf nauwelijks grip op krijgt. Het oorspronkelijke Bijbelse begrip dat vaak met bezeten is vertaald, draagt veel meer de gedachte van demonische beïnvloeding of belasting dan van eigendom. Dat onderscheid is belangrijk. De vraag is niet: Ben ik van de duivel? Voor iemand die in Christus is, is het antwoord daarop duidelijk: Nee! De betere vraag is: Zijn er gebieden in mijn leven waar de vijand invloed heeft gekregen die hij niet behoort te hebben?

Hoe krijgt de vijand ruimte?

Demonische invloed ontstaat niet zomaar uit het niets. De Bijbel waarschuwt ons op verschillende plaatsen dat wij de vijand ruimte kunnen geven. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren door bewuste zonde en rebellie, door betrokkenheid bij occulte praktijken of afgoderij, door hardnekkige onvergevingsgezindheid of door andere vormen van ongehoorzaamheid waarmee geestelijk terrein wordt prijsgegeven. Ook kunnen er invloeden vanuit het voorgeslacht of omstandigheden uit de vroege levensfase een rol spelen zonder dat iemand daar persoonlijk schuld aan heeft. Dat betekent niet dat achter ieder probleem automatisch een demon zit, maar wel dat zulke deuren serieus onderzocht mogen worden wanneer er sprake is van hardnekkige gebondenheid.

Daarom begint bevrijding niet met schreeuwen tegen demonen. Het begint met waarheid:

  • Wat is er gebeurd?
  • Waar is een deur opengegaan?
  • Is er zonde die beleden moet worden?
  • Is er iets waarvan we ons moeten bekeren?
  • Is er iemand die we moeten vergeven?
  • Is er betrokkenheid bij het occulte waarvan we ons bewust moeten losmaken?

Ook hier hebben we de Heilige Geest nodig. Hij kent ons beter dan wij onszelf kennen. Hij kan zichtbaar maken wat verborgen is en ons overtuigen waar bekering nodig is.

De basis is het kruis

De beslissende overwinning over de machten van de duisternis is niet door ons behaald. Die overwinning vond plaats aan het kruis. Paulus schrijft over Jezus:

Hij heeft de overheden en de machten ontwapend, die openlijk te schande gemaakt en daardoor over hen getriomfeerd.
Kolossenzen 2:15, HSV

Dat verandert de manier waarop we naar bevrijding kijken. Wij hoeven Satan niet alsnog te verslaan. Jezus heeft hem verslagen. Bevrijding is daarom geen krachtmeting waarbij we moeten hopen dat wij geestelijk sterk genoeg zijn. Het gaat om het toepassen van de overwinning die Jezus al heeft behaald. Zijn bloed heeft de schuld weggenomen die de aanklager tegen ons kon gebruiken. Zijn kruis heeft de machten ontwapend. Zijn Naam draagt gezag. Daarom gaf Jezus Zijn discipelen ook autoriteit over de macht van de vijand:

Zie, Ik geef u de macht om op slangen en schorpioenen te trappen en de macht over alle kracht van de vijand; en niets zal u schade toebrengen.
Lukas 10:19, HSV

Maar let op wat Jezus direct daarna zegt: de discipelen moesten zich uiteindelijk niet verheugen over het feit dat geesten aan hen onderworpen waren, maar dat hun namen in de hemel geschreven stonden. Daar ligt opnieuw het juiste zwaartepunt. Niet de demonen staan centraal. Jezus staat centraal.

Eerst onderwerpen, dan weerstand bieden

Een van de kortste en tegelijk meest praktische teksten over geestelijke strijd staat in Jakobus:

Onderwerp u dan aan God. Bied weerstand aan de duivel en hij zal van u wegvluchten.
Jakobus 4:7, HSV

De volgorde is belangrijk.

Eerst: onderwerp je aan God.Daarna: bied weerstand aan de duivel.

Wij kunnen geen terrein met gezag terugvragen terwijl we tegelijkertijd bewust vasthouden aan datgene waardoor de vijand toegang kreeg. Daarom horen bekering en bevrijding bij elkaar. Wanneer de Heilige Geest zonde aanwijst, belijden we die. Wanneer we ergens mee moeten breken, breken we ermee. Wanneer we anderen moeten vergeven, kiezen we ervoor hen te vergeven. Wanneer er occulte betrokkenheid is geweest, wijzen we die bewust af en verbreken we iedere verbinding daarmee. Dit zijn geen magische formules; het is eenvoudig gehoorzaamheid aan God en het sluiten van deuren die niet open hadden moeten staan.

Vervolgens mogen we in het gezag van Jezus weerstand bieden aan wat ons gebonden heeft. Niet smekend alsof de vijand misschien bereid is te vertrekken. Niet vertrouwend op onze eigen kracht. Maar staande op wat Jezus heeft volbracht.

Vrij worden is één ding. Vrij blijven is iets anders.

Bevrijding is geen eindstation. Jezus waarschuwde dat een huis dat leeg achterblijft opnieuw bezet kan worden. Daarom moet de ruimte die wordt vrijgemaakt ook worden gevuld met het leven van God. Dat betekent groeien in Gods Woord. Ons denken vernieuwen. Leren gehoorzamen aan de Heilige Geest. Gebed. Gemeenschap met andere gelovigen. Zelfdiscipline. Bewuste keuzes maken. En boven alles: Jezus steeds centraler laten staan. Vrijheid wordt niet onderhouden door voortdurend met demonen bezig te zijn. Juist niet.

Een gezond geestelijk leven draait niet om de vijand, maar om Christus. Demonische machten bestaan echt en wanneer ze actief zijn in een leven moeten we ermee afrekenen, maar daarna richten we onze ogen weer op Jezus. Dat is ook de kern van blijvende bevrijding: de ruimte die de vijand moest verlaten wordt gevuld met Christus en met gehoorzaamheid aan Zijn Woord. Bevrijding betekent daarom uiteindelijk veel meer dan dat iets ons verlaat. Het betekent dat we steeds meer vrij worden om te leven zoals God ons bedoeld heeft.

  • Vrij om Hem te dienen.
  • Vrij om Hem te gehoorzamen.
  • Vrij van machten die ons telkens terugtrekken naar het oude.
  • Vrij om verder te groeien in herstel.

Jezus kwam niet om mensen voortdurend bezig te houden met de duisternis. Hij kwam om hen eruit te halen. Werkelijke bevrijding richt onze aandacht daarom niet steeds meer op demonen, maar steeds meer op Jezus Christus — Degene Die hen heeft overwonnen en ons geroepen heeft om in Zijn vrijheid te leven.

Meer weten? Bestel dan het boek Zij zullen boze geesten uitdrijven van Derek Prince.

Volgende pijler

Lichamelijke genezing

Lees verder